Persoon die alleen op een podium staat onder een spotlight, klaar om een presentatie te geven Persoon die alleen op een podium staat onder een spotlight, klaar om een presentatie te geven

Memento mori als carrièretool: wat er verandert als je een pitch geeft vanuit sterfelijkheidsbesef

Je hebt drie avonden slecht geslapen voor een pitch die morgen plaatsvindt. Je weet wat je wil zeggen, je kent de cijfers, maar toch zit je om elf uur ’s avonds nog aan de slide die misschien niet klopt. De spanning zit niet in de inhoud. Ze zit in de vraag wat er gebeurt als het misgaat.

Wat als je die vraag omdraait? Wat als je jezelf niet afvraagt hoe je de perfecte pitch geeft, maar wat je zou zeggen als dit de laatste keer was? Dat klinkt dramatisch, maar het is de kern van memento mori: de bewuste herinnering aan je eigen eindigheid, gebruikt niet om somber te worden, maar om scherper te worden over wat er werkelijk toe doet. Wij van Inspireer.be zijn geen filosofen, maar we zien hoe dit principe in de praktijk van ondernemen en presenteren verrassend concreet werkt.

De ongemakkelijke vraag die alles losmaakt

Memento mori is Latijn voor ‘bedenk dat je sterft’. Het is een concept dat stamt uit de Stoïcijnse filosofie en eeuwenlang werd gebruikt door kunstenaars, filosofen en veldheren om scherp te blijven op wat werkelijk telt. Maar het heeft ook een verrassend directe toepassing op een van de meest zenuwslopende momenten in het professionele leven: de investeerderspitch.

De vraag ‘wat als dit je laatste pitch ooit is?’ werkt niet omdat ze je depressief maakt. Ze werkt omdat ze onnodige ruis wegsnijdt. Plotseling valt de vraag weg of je blazer professioneel genoeg oogt. De zorg over of je te enthousiast overkomt, verdampt. Wat overblijft, is de kern: wat wil je werkelijk zeggen, en waarom geloof je er zelf in? Dat is het startpunt van elke overtuigende presentatie.

Veel pitchers die wij van Inspireer.be spreken, beschrijven een versie van hetzelfde probleem: ze weten wat ze willen zeggen, maar ergens onderweg naar het podium beginnen ze het te polijsten, afzwakken en inpakken voor een publiek dat ze nog niet eens kennen. Het resultaat klinkt berekend. Investeerders voelen dat verschil feilloos.

Wat memento mori in deze context niet betekent

Laat ons meteen een misverstand wegnemen. Sterfelijkheidsbesef in de context van werk en presenteren is geen fatalisme. Het is geen ‘het maakt toch niet uit want we gaan allemaal dood’. Dat is de goedkope versie van het concept, en die werkt averechts.

Het gaat om iets preciezers: een tijdelijk, bewust ingebracht besef van eindigheid dat je helpt onderscheiden wat werkelijk op het spel staat en wat slechts sociale angst is. Er is een groot verschil tussen iets dat écht belangrijk is voor jouw leven en werk, en iets dat alleen maar bedreigend voelt omdat je beoordeeld wordt. Memento mori als tool helpt je die twee uit elkaar te houden, juist op het moment dat ze door stress samenvloeien tot één grote klont nervositeit.

Het publieksoordeel in perspectief

Wat er fysiologisch gebeurt als je vóór een presentatie bewust nadenkt over je eigen vergankelijkheid, is gedocumenteerd in onderzoek rond terrormanagement en angstreductie. Het brein dat bezig is met een dieper existentieel kader, activeert minder snel de klassieke sociale bedreigingsreactie. Simpeler gezegd: als je even écht voelt dat je sterfelijk bent, krimpt de angst voor de mening van drie investeerders in verhouding.

Dat klinkt abstract, maar pitchers die deze oefening doen, beschrijven het heel concreet. Een ondernemer die een techstart-up pitchte voor een Brusselse investeringsronde vertelde ons dat ze voor het eerst in haar leven niet probeerde de stiltes op te vullen. Ze liet een vraag gewoon landen. Dat was nieuw. En de investeerders merkten het, in positieve zin.

De drie verschuivingen die pitchers rapporteren

Op basis van gesprekken en bestaand coachingonderzoek komen er na een sterfelijkheidsoefening drie herkenbare verschuivingen naar boven bij mensen die pitchen.

  • Meer directheid. De omwegen verdwijnen. In plaats van ‘we zijn van mening dat er mogelijk een marktopportuniteit bestaat’, zegt iemand gewoon: ‘Dit werkt, en hier is het bewijs.’ De taal wordt concreter, de zinnen korter, de intentie duidelijker.
  • Minder zelfcensuur. Dingen die iemand normaal weglaat omdat ze ’te ambitieus’ of ’te kwetsbaar’ klinken, komen plots wel op tafel. Juist die openheid wekt vertrouwen bij investeerders die eerlijk durven antwoorden op moeilijke vragen en de hele dag door gepolijste presentaties zien.
  • Verrassend meer overtuigingskracht. Niet omdat de pitch beter is voorbereid, maar omdat de spreker erin gelooft. Overtuiging is een lichamelijk signaal dat anderen onbewust oppikken. Als de angst voor afwijzing daalt, stijgt de geloofwaardigheid van de boodschap.

De mentale oefening: tien minuten voor je op het podium staat

Dit is geen journaloefening. Schrijven helpt bij reflectie achteraf, maar vlak voor een pitch heb je behoefte aan belichaming, niet aan woorden op papier. Hier is de oefening in concrete stappen.

Stap 1: Zoek een rustige plek, ga staan. Niet zitten. Je lichaam speelt een centrale rol in deze oefening. Staan activeert een andere houding dan ineengedoken op een stoel.

Stap 2: Zet een timer op vier minuten en doe dit éne ding. Breng je aandacht naar je lichaam zoals het nu is. Voel je voeten op de grond, je adem, de druk in je borst als die er is. Geen analyse, geen positieve affirmaties. Alleen waarnemen.

Stap 3: Stel jezelf de vraag. Hardop of in stilte: ‘Wat als dit de laatste keer is dat ik dit verhaal vertel?’ Niet als angstige gedachte, maar als echte vraag. Laat hem landen. Drie tot vier minuten.

Stap 4: Formuleer één zin. Wat wil je dat deze mensen vandaag onthouden? Niet drie kernboodschappen, niet je USP’s in bulletpoints. Één zin. Die zin is je anker tijdens de pitch.

De kracht van deze oefening zit in de belichaming. Wie dit rechtstaand doet in een stille gang of toilet achter het podium, rapporteert een merkbare verschuiving in ademhaling en spierspanning voor ze naar binnen lopen. Dat is geen toeval, dat is regulatie via context.

Wanneer het averechts werkt

Eerlijkheid is hier op zijn plaats. Sterfelijkheidsbesef werkt als een scherp gereedschap bij iemand die redelijk stevig in zijn vel zit. Het werkt niet als iemand al kampt met gegeneraliseerde angst, burn-out of een diepere existentiële crisis. In die gevallen versterkt de oefening de spiraal in plaats van hem te doorbreken.

Hoe herken je het verschil bij jezelf? Vruchtbaar sterfelijkheidsbesef voelt helder en zelfs licht. Er zit een vreemde kalmte in, een soort ‘oké, dan maar’. Gegeneraliseerde existentiële angst voelt als een bodemloze put: hoe dieper je kijkt, hoe donkerder het wordt. Als de oefening dat tweede gevoel triggert, stop er dan mee en gebruik in de plaats een eenvoudige ademhalingsoefening. Zelfkennis is hier de eerste voorwaarde.

Memento mori als filter voor je agenda

Buiten de pitchruimte heeft memento mori werk en presenteren nog een toepassing die minstens even waardevol is: als filter voor je tijd. Want als je weet dat je vergaat, niet filosofisch maar als echte aanname voor vijf minuten, dan kijk je anders naar je agenda van de komende maand, net zoals authentieke keuzes maken in een leven vol verwachtingen je perspectief verschuift.

Welke klant staat er op dinsdag om negen uur? Verdient dat project je beperkte, onherhaalbare tijd? Is die pitch voor een opdracht die je eigenlijk niet wilt, het waard om voor te oefenen, te reizen, je energie in te steken? Die vragen zijn geen luxe voor mensen die het ‘zichzelf kunnen veroorloven’. Ze zijn een basisvaardigheid voor iedereen die zijn werk serieus neemt op langere termijn.

Wij zien dat ondernemers die regelmatig dit soort vragen stellen, selectiever worden in wat ze aannemen, maar ook zichtbaar meer energie hebben voor de dingen die ze wél doen. Dat is geen paradox. Dat is wat vergankelijkheidsbesef doet als je het inzet als filter in plaats van als excuus.

De paradox van zakelijk falen als je weet dat je vergaat

Tot slot: wat betekent zakelijk falen in dit kader? Als een investeerder nee zegt, als de pitch mislukt, als het project niet doorgaat. Memento mori lost dat verlies niet op en maakt het ook niet klein. Maar het plaatst het in een ander licht.

Enerzijds voelt verlies minder erg als je het ziet naast het grotere perspectief van een eindig leven. Anderzijds, en dit is de echte paradox, neem je jezelf en wat je te vertellen hebt net daardoor serieuser. Als je weet dat je tijd begrensd is, wil je er iets mee dat klopt. Dat geeft aan zakelijk falen een andere betekenis: niet het bewijs dat je tekortschiet, maar informatie over welke richting wél bij je past.

Dat is wat memento mori doet als je het meeneemt naar de werkvloer en het podium. Het maakt je niet kleiner. Het maakt je eerlijker.

De oefening vraagt geen meditatiepraktijk of filosofische achtergrond. Je stelt jezelf voor een presentatie één vraag: wat zou ik zeggen als dit het enige moment was? Die vraag snijdt door de behoefte aan goedkeuring en laat zien wat je eigenlijk wil overbrengen. Dat is wat memento mori doet als je het pragmatisch inzet, het ruimt op.

Niet elke pitch vraagt erom, maar die ene waarvoor je al drie nachten wakker ligt, verdient deze voorbereiding meer dan een extra ronde slidecorrecties.